Vijftig jaar geleden bracht François Truffaut (Parijs, 06.02.1932 – Parijs, 21.10.1984), de Franse acteur, producent, auteur, scenarist en regisseur die mede aan de wieg stond van de grensverleggende filmstrekking Nouvelle Vague, een biopic uit die vandaag nog steeds fluistert, wringt en nazindert: L’Histoire d’Adèle H. Een vergeten parel uit het midden van zijn innoverend oeuvre en tegelijk een van zijn meest indringende portretten van menselijke kwetsbaarheid. Met een piepjonge Isabelle Adjani in de hoofdrol, trekt Truffaut de kijker mee in een verstikkend liefdesverhaal dat langzaam omslaat in waanzin. Geen film over passie, maar over obsessie: stil, koortsachtig en onvermijdelijk.
We noteren 1863, Adèle Hugo, de jongste dochter van Victor Hugo, reist alleen naar Halifax in Canada. Ze is op zoek naar Albert Pinson, een Britse officier met wie ze denkt een verhouding te hebben, of had, of binnenkort zal hebben. De werkelijkheid blijkt minder meegaand dan haar verbeelding. Pinson wijst haar af. Maar Adèle weigert dat te geloven. Ze blijft hem volgen, schrijft brieven, verzint een huwelijk en stelt zich aan iedereen voor als zijn vrouw. Wat volgt is een tergende afdaling in isolatie, obliviteit en uiteindelijk krankzinnigheid.
Truffaut filmt dit alles met chirurgische precisie. Geen pathos en geen muziek die emoties opdrijft. Enkel het kille geluid van voetstappen op besneeuwde straten, het krassen van een pen op papier, het blikveld van een vrouw die weigert de realiteit te aanvaarden.

Toen L’Histoire d’Adèle H. in 1975 uitkwam, nu exact vijftig jaar geleden, was Isabelle Adjani amper negentien. Toch draagt ze de film met een kracht die zelden gezien is bij een actrice van die leeftijd. Haar ogen spreken waar haar woorden falen, haar houding verraadt wat ze zelf niet kan erkennen: dat ze de grip op zichzelf langzaam aan het verliezen is. Truffaut plaatst haar centraal in bijna elke frame. Hij kijkt niet neer op haar personage, maar volgt haar met een stille, meedogende blik. Adjani kreeg voor deze rol een Oscar-nominatie – de jongste genomineerde ooit op dat moment – en brak hierdoor meteen wereldwijd door als getalenteerde opkomende actrice. Haar latere succesvolle carrière is intussen geschiedenis.
Na het vuurwerk van zijn vroege Nouvelle Vague-werk en met intussen ook legendarische films op zijn actief zoals onder meer Les Quatre Cents Coups (1959), Jules et Jim (1961), Fahrenheit 451 (1966), L’Enfant Sauvage (1969) en het ultieme cinematografische meesterwerk La Nuit Américaine (1973) met een schitterende Jacqueline Bisset en zijn fetisj-acteur Jean-Pierre Léaud in de hoofdrollen, is Truffaut midden de jaren zeventig op zoek naar verdieping. Intimiteit, minimalisme, soberheid, minder spel en meer stilte.
L’Histoire d’Adèle H. is daar een perfect voorbeeld van. Het is een integer portret zonder narratieve franjes, sobere esthetiek en een bijna documentaire benadering van de geestelijke neergang van één vrouw. Maar de Truffaut-touch blijft voelbaar: zijn fascinatie voor outsiders, voor liefde als vloek en voor vrouwen die weigeren zich te schikken in hun rol. Adèle is misschien wel Truffauts meest tragische heldin ooit.

In L’Histoire d’Adèle H. poneert Truffaut de pijnlijke vraag: waar ligt de grens tussen verliefdheid en waanzin? Adèle’s liefde is niet wederkerig, maar ze blijft haar illusie voeden tot zelfs haar hele identiteit erin opgaat. Truffaut oordeelt niet. Hij toont. En hij suggereert iets nog verontrustender; dat Adèle’s ‘waanzin’ misschien ook een vorm van verzet is. Tegen een wereld die haar geen plaats gunt buiten het huwelijk. Tegen een vader (de mythische Victor Hugo) die zelf verdween in politieke ballingschap. Tegen een samenleving die vrouwen graag poëtisch ziet lijden, maar zwijgt zodra ze luidop hun verlangens najagen.
Dit jaar is het tragische biografisch document L’Histoire d’Adèle H. exact een halve eeuw oud. Het is geen film die zich opdringt, maar wel zachtjes aanklopt. Wie hem binnenlaat, blijft met een beklemmend gevoel achter. Truffaut maakte geen groot historisch drama, maar een beklemmende psychologische miniatuur. En uitgelezen in die verstilling ligt beslist zijn kracht.
In een tijd waarin cinema vaak schreeuwt om aandacht, fluistert Adèle nog steeds. Haar stem klinkt misschien zachter dan die van haar beroemde vader, maar ze is er nog. En ze vraagt, nu meer dan ooit, om gehoord en vooral (opnieuw) gezien te worden.
Genre: Historisch drama,biografie
Jaar: 1975
Regisseur: François Truffaut
Cast: Isabelle Adjani, Bruce Robinson, Sylvia Marriott, Joseph Blatchley
Land: Frankrijk
Speelduur: 96 minuten