Wie het Italiaanse neorealisme vooral associeert met de rauwe wanhoop van Roma, Città Aperta, Ladri Di Biciclette of Umberto D., zal verrast worden door L’onorevole Angelina (1947) van Luigi Zampa. De film vertrekt vanuit dezelfde naoorlogse ellende: woningnood, armoede, corruptie en sociale ongelijkheid, maar verwerkt die in een tragikomedie waarin humor en maatschappijkritiek voortdurend hand in hand gaan. Dat maakt L’onorevole Angelina tot een buitenbeentje binnen het neorealisme: minder onverbiddelijk dan de bekendste klassiekers, maar daarom niet minder relevant.
Het verhaal speelt zich af in Pietralata, een onafgewerkte Romeinse buitenwijk waar gezinnen na de oorlog onder mensonwaardige omstandigheden proberen te overleven. Stromend water en sanitaire voorzieningen ontbreken, de woningen zijn nauwelijks meer dan betonnen karkassen en overstromingen maken het leven er nog uitzichtlozer.
Angelina Bianchi woont er met haar man Pasquale en hun vijf kinderen. Hoewel Pasquale als politieagent werkt, komt het gezin nauwelijks rond. Wanneer een plaatselijke handelaar voedsel achterhoudt om het tegen woekerprijzen op de zwarte markt te verkopen, neemt Angelina het heft in eigen handen. Samen met de vrouwen uit de wijk plundert ze zijn voorraad, waarna ze uitgroeit tot de onbetwiste spreekbuis van haar buurt. Haar strijd tegen speculanten, corrupte machthebbers en politieke onverschilligheid voert haar uiteindelijk zelfs tot in de gemeentepolitiek.
Die plot had gemakkelijk kunnen uitmonden in een zwaar sociaal drama, maar Luigi Zampa kiest bewust voor een lichtere toon. Zijn film ontkent de ellende nooit, maar laat ruimte voor satire, ironie en volkskomedie. Daardoor blijft L’onorevole Angelina toegankelijk zonder zijn sociale betrokkenheid te verliezen. De regisseur toont de schrijnende leefomstandigheden met een documentaire blik, maar weigert zijn personages tot slachtoffers te reduceren. Ze behouden hun waardigheid, hun gevoel voor humor en vooral hun vermogen om zich tegen onrecht te verzetten.

De grote troef van de prent is vanzelfsprekend Anna Magnani. Twee jaar eerder had ze de wereld verbluft in Roberto Rossellini’s Roma, Città Aperta, en ook hier domineert ze elke scène. Ze speelt Angelina niet als een ideologische heldin, maar als een temperamentvolle moeder die vanuit gezond verstand en rechtvaardigheidsgevoel in actie komt. Magnani beschikt over een zeldzaam vermogen om woede, mededogen, humor en kwetsbaarheid binnen één scène geloofwaardig te combineren. Ze laat haar personage voortdurend balanceren tussen volksvrouw, komische rebel en geboren politica, zonder ooit haar geloofwaardigheid te verliezen.
Juist dankzij haar spel overstijgt de film zijn soms vrij schematisch scenario. De maatschappelijke tegenstellingen zijn duidelijk afgelijnd: speculanten tegenover arme bewoners, bureaucraten tegenover gewone burgers. Toch voelt het drama nooit als een politiek pamflet, omdat Magnani haar personage een menselijke warmte meegeeft die alle ideologische tegenstellingen overstijgt. Zelfs wanneer Angelina een politieke carrière lijkt te beginnen, blijft ze in de eerste plaats moeder, buurvrouw en echtgenote.
Zampa benut tegelijk de komische mogelijkheden van die veranderende machtsverhoudingen. Terwijl Angelina steeds meer publieke invloed verwerft, voelt haar man zich steeds ongemakkelijker in zijn nieuwe rol als huisvader. Hun relatie levert enkele geestige scènes op die de maatschappelijke discussie over de positie van mannen en vrouwen verrassend modern doen aanvoelen. Zonder expliciet feministisch te willen zijn, toont de film hoe vanzelfsprekend Angelina leiderschap opneemt in een wereld die daar eigenlijk niet klaar voor is.
Toch is L’onorevole Angelina geen onverdeeld meesterwerk. Naarmate het verhaal vordert, verliest de satire geleidelijk aan scherpte. Het romantische nevenplot rond Angelina’s dochter en de zoon van een rijke projectontwikkelaar vertraagt het ritme, terwijl de uiteindelijke verzoening binnen het gezin en Angelina’s beslissing om haar politieke ambities op te geven, vandaag enigszins gedateerd aanvoelen. Waar de film aanvankelijk de gevestigde machtsstructuren stevig bekritiseert, kiest hij uiteindelijk voor een relatief verzoenende ontknoping waarin de traditionele gezinsorde grotendeels wordt hersteld.

Dat neemt echter niet weg dat Zampa onder die ogenschijnlijk optimistische finale een veel somberder boodschap verstopt. De laatste scène keert terug naar hetzelfde beeld waarmee de film begon: Angelina en Pasquale liggen opnieuw wakker van de zorgen, terwijl hun kinderen slapen in een woning die nauwelijks een thuis kan worden genoemd. Er werd geprotesteerd, onderhandeld, gestreden en verzoend, maar fundamenteel veranderde er niets. Die cirkelstructuur maakt duidelijk dat individuele moed weliswaar bewonderenswaardig is, maar zelden volstaat om diepgewortelde maatschappelijke problemen op te lossen.
Misschien verklaart precies die combinatie van satire en sociale betrokkenheid waarom L’onorevole Angelina minder vaak wordt genoemd dan de grote neorealistische klassiekers. De film mist de existentiële wanhoop van De Sica of Rossellini en zoekt vaker de warmte van de volkskomedie op. Toch schuilt daarin ook zijn originaliteit. Luigi Zampa bewijst dat maatschappijkritiek niet noodzakelijk zwaarmoedig hoeft te zijn en dat humor soms een even krachtig politiek instrument kan vormen als tragedie.
Ruim tachtig jaar later blijft vooral Anna Magnani’s magistrale vertolking overeind. Haar Angelina is tegelijk koppig, geestig, liefdevol en onverzettelijk. Ze belichaamt een gewone vrouw die weigert zich neer te leggen bij onrecht en daardoor, haast tegen wil en dank, uitgroeit tot een symbool van burgerlijke moed. Alleen al om haar onvergetelijke aanwezigheid verdient L’onorevole Angelina een herontdekking als een van de meest menselijke en charmante films uit het naoorlogse Italië.
Genre: drama, komedie
Jaar: 1947
Regisseur: Luigi Zampa
Cast: Anna Magnani, Nando Bruno, Ave Ninchi, Ernesto Almirante, Maria Donati
Land: Italië
Speelduur: 90 minuten