Er waren twee dingen waarvoor Jacques Tati beroemd was. Het eerste was zijn alter ego Monsieur Hulot, die gekleed in een regenjas, vaak met een hoed, paraplu en pijp in de mondhoek, stuntelend door de wereld trekt en in wiens omgeving bijna altijd wel iets anders verloopt dan gepland. Het tweede was zijn scherpe observatie van het moderne leven die de Franse filmmaker inspireerde tot spottende, kleine scènes. Die scènes waren doorgaans belangrijker dan het verhaal zelf wat in de films van de komische legende meestal slechts als middel fungeerde om zijn geestige observaties tot leven te brengen.
Bij Playtime was dat niet anders, al ging Tati hier nog een stap verder. Waar Trafic tenminste nog een soort raamvertelling en een duidelijke bestemming had – de personages moesten immers een autoshow bereiken – laat de regisseur en scenarioschrijver hier elke vorm van een traditionele verhaallijn volledig los. Er is zelfs niet echt een hoofdpersoon waaromheen alles draait.
Natuurlijk is Monsieur Hulot degene die het gemakkelijkst is te herkennen. Niet alleen omdat Tati deze rol telkens opnieuw vertolkte, maar ook omdat de meeste van zijn satires rond dit personage zijn opgebouwd. De lange man, die altijd voorbereid lijkt op regen die uiteindelijk nooit valt, springt ook visueel uit het ensemble.

Toch speelt Tati in Playtime nog veel nadrukkelijker met wat voorgrond en wat achtergrond is. De komiek, die bekendstond om zijn afkeer van close-ups, bewaart voortdurend afstand in zijn cameravoering. Hij toont uitgestrekte decors waarin het op het eerste gezicht lang niet altijd duidelijk is waar je precies naar moet kijken. Dat doet denken aan zogenaamde zoekplaten: afbeeldingen die vol zitten met details en waarin je bepaalde personen of voorwerpen moet zien te vinden. Het verschil is alleen dat er hier helemaal geen zoekopdracht bestaat. Tati laat ons alleen achter in de chaos, waarin wij net zo stuurloos ronddwalen als Monsieur Hulot.
Een groot deel van het plezier van Playtime schuilt juist in die beelden. Daarbij gaat het niet zozeer om de terugkerende grappen of de personages die we in het labyrint van de moderne wereld steeds opnieuw tegenkomen. Klassieke grappen zijn sowieso niet het voornaamste doel van Jacques Tati. Hij creëert eerder merkwaardige situaties die een glimlach oproepen dan luid gelach.
Maar zijn films wekken ook verwondering op. De wirwar van glazen wanden, roltrappen en kubusvormige gebouwen – later aangevuld met auto’s – is zo kunstzinnig vormgegeven dat je de volledige speelduur van twee uur geboeid blijft kijken naar het spel van kleuren en vormen. Dat perfectionisme had een hoge prijs. Playtime werd door de enorme aandacht voor detail, de gigantische decors die speciaal voor de film werden gebouwd en een reeks ongelukkige omstandigheden, een buitengewoon kostbare productie. Té kostbaar voor een prent waar het grote publiek destijds maar weinig mee kon.

Hoewel de film uitgroeide tot een commerciële flop, die Tati op meerdere vlakken zijn financiële bestaansbasis kostte, is deze komedie artistiek gezien een ware triomf. De schitterende beelden, ondersteund door een uitzonderlijk geluidsontwerp, hebben filmgeschiedenis geschreven en voelen vandaag tegelijk nostalgisch én futuristisch aan.
Tati heeft hier een wereld gecreëerd die het blijvende testament vormt van een scherp observator, iemand die in de kleinste banaliteiten humor en magie wist te ontdekken. Daardoor is deze komedie tegelijk een scherp portret over verdwalen én over opnieuw de weg vinden. Ze houdt ons een spiegel voor waarin we onszelf herkennen, maar biedt nog veel meer dan dat. Ze herinnert ons eraan om af en toe stil te staan, de absurditeit van het moment te omarmen en met open ogen door het leven te gaan. Er valt immers altijd wel iets komisch te ontdekken, je moet alleen weten waar je moet kijken.
Playtime, winnaar van de Beste Europese Film, is ontegensprekelijk een meesterwerk van visuele komedie. Juist doordat of misschien wel omdat, het vaak niet meteen duidelijk is waar een scène precies over gaat, blijft de film fascineren. Jacques Tati heeft een tot in de kleinste details uitgewerkt labyrint gecreëerd, vol prachtige en soms absurde beelden, begeleid door een bijzonder geluidsontwerp dat je bij elke stap een glimlach bezorgt.
Genre: komedie, satire
Jaar: 1967
Regisseur: Jacques Tati
Cast: Jacques Tati, Barbara Dennek, Rita Maiden, Billy Kearns, France Rumilly
Land: Frankrijk, Italië
Speelduur: 124 minuten