Na Express Paris, Martin Jauvats heel matig debuut als cinéast, levert hij met Baise-en-ville een film af die zich presenteert als een laconieke Franse komedie over jeugd, verveling en seksuele frustratie, maar die vooral blijft steken in een esthetiek van nonchalance waar zelden echte scherpte uit voortkomt. De titel belooft brutaliteit en subversie, maar het resultaat is eerder een zacht grommende kater na nachtelijk vertier.
Na zijn relationele break-up trekt de twintigjarige Sprite terug naar Chelles, een gemeente in de regio Île-de-France. Hij gaat er meteen aan de slag bij een schoonmaak-start-up. Hij draait nachtdiensten om zijn rijlessen te bekostigen en blijft bij zijn dates overnachten omdat hij geen auto of rijbewijs heeft. Een tijdelijke en gemakzuchtige oplossing die hem zichtbaar ongemakkelijk maakt.
Met Baise-en-ville levert Martin Jauvat geen uitschuiver af, maar iets veel problematischer, namelijk een perfect representatief voorbeeld van waar de hedendaagse Franse komedie zichzelf al jaren geleden heeft vastgereden, want wat ooit een genre was van sociale frictie en morele scherpte, is verworden tot ironisch drijfzand waarin niemand nog nat wil worden. Toegegeven de prent is soms geestig, af en toe zelfbewust en licht verteerbaar en precies daarom zo onthullend.

Regisseur en scenarist Jauvat die ook nog zichzelf heeft gecast in de hoofdrol, belichaamt het typische contemporaine typetje: de aimabele, ironische jongeman die nergens voor kiest en daar vooral zelf geen last van lijkt te hebben. Het is een figuur die we intussen al tot vervelens toe kennen uit een tgv aan gelijkaardige futiele ‘comédies françaises’.
Waar grootmeester Éric Rohmer (Ma nuit chez Maud, Conte d’Hiver, Pauline à la Plage), passiviteit gebruikte om ethische spanningen bloot te leggen en waar zelfs scenarist/cineast Guillaume Brac (Tonnerre, Un Monde sans Femmes, Conte de juillet) zijn slackers, zeg maar zijn lui-observerende filmtaal en doelloze narratieve stijl, sociale contouren meegaf, wordt inertie bij Jauvat een eindstation. Niet als probleem, maar als stijl.
De centrale misvatting van Baise-en-ville en bij uitbreiding zeker voor veel recente Franse komedies, is de overtuiging dat ironie op zichzelf een kritische houding is. Dat is beslist niet zo! Ironie is hier geen instrument, maar een ideologie: een manier om betrokkenheid systematisch te vermijden. Elk potentieel conflict wordt ontmijnd door een grap, elk emotioneel risico geneutraliseerd door relativering.

De dialogen mikken op droogkomische terloopsheid, maar klinken vaak alsof ze ter plekke zijn bedacht. Oké dat heeft soms wel wat charme, maar even vaak resulteert dit in scènes die blijven dobberen zonder richting. De humor is zelden echt slecht, maar ook nooit raak: meer glimlach dan lach, meer herkenning dan inzicht.
Het handheld camerawerk en het natuurlijke licht ogen niet urgent of noodzakelijk, maar vrijblijvend. Dat leidt tot een cinema die voortdurend knipoogt, maar nooit écht kijkt. Problemen worden herkend, maar niet onderzocht. Seksuele frustratie, economische precariteit en emotionele stilstand zijn aanwezig, maar uitsluitend als sfeerelementen. Ze functioneren als decor, niet als inzet. Baise-en-ville lijkt bang om zijn eigen materiaal serieus te nemen, alsof ernst een vorm van pretentie zou zijn. Al deze ingrediënten samen leiden tot een komedie die voortdurend lijkt te knipperen, maar weigert het licht aan te doen.
Welbeschouwd is Baise-en-ville een min of meer onderhoudende, soms matig geestige komedie die zich echter te veel en bij momenten zelfs enerverend verschuilt achter haar eigen ironie. Een flick die perfect weet hoe het voelt om jong en stuurloos te zijn, maar die nooit de moed opbrengt om daar iets ongemakkelijks van te maken. Wat overblijft, is een schouderophalend tussendoortje dat zich comfortabel nestelt in zijn eigen middelmatigheid en dat is jammerlijk genoeg het symptoom van het momentane Franse komedie-genre dat haar scherpe tanden duidelijk heeft ingeruild voor een glimlach, haar woede voor ironie en haar engagement voor zelfbewuste lichtheid. Il fut un temps…
Genre: komedie
Jaar: 2025
Regisseur: Martin Jauvat
Cast: Martin Jauvat, Emmanuelle Bercot, William Lebghil, Géraldine Pailhas
Land: Frankrijk
Speelduur: 94 minuten