Als je een rechtstreekse afstammeling bent van een legendarische figuur is het niet altijd even makkelijk om je eigen levenspad te effenen. Sofia Coppola kan daarvan meespreken, maar is er uiteindelijk toch vrij snel in geslaagd om de stamboom te laten voor wat hij is en eigengereid een persoonlijke carrière uit te bouwen. Na haar opmerkelijke, maar vrij idyllische regiedebuut The Virgin Suicides, drukte ze met de picareske komedie Lost in Translation stringent alle twijfels en vervelende allusies op haar komaf definitief de kop in.
In het door dochter Coppola – wist je trouwens dat ze de babyversie, ze was toen nog geen jaar oud, van Michael Rizzi, de zoon van Connie Corleone en Carlo Rizzi ‘speelde’ in haar vaders meesterwerk The Godfather uit 1972 – origineel en zelfgeschreven scenario staan twee niet alledaagse en totaal aan elkaar verschillende personages centraal. De jonge en knappe Charlotte (Scarlett Johansson) heeft een Yale-filosofiediploma op zak. Ze is gehuwd met de getalenteerde fotograaf John (een rol vertolkt door de nog steeds ondergewaardeerde, maar immer fantastisch acterende Giovanni Ribisi) die ze omwille van een belangrijke professionele opdracht vergezelt op zijn trip van Los Angeles naar Tokio.
Het jonge paar strijkt neer in het mondaine Park Hyatt hotel. Het prachtige uitzicht op de Japanse eclectische metropool is niet afdoend tegen de verveling en de jetlag van de alleen achtergebleven Charlotte. Ze trekt naar de cocktaillounge van haar logement waar ze Bob (Bill Murray) ontmoet. Bob is een derderangs L.A-acteur van middelbare leeftijd die in Japan nog wat geld bijeen tracht te grissen via promotiespots voor een dubieus whiskymerk.

Bob worstelt met een midlifecrisis en hoewel hij tevreden de kitsch-n-sync-sleur ontglipt, kan hij de slaap maar niet vatten ten gevolge van de dagelijkse enerverende telefoons van zijn decoratiefzieke eega. Bob maakt het geestelijk testament op van zijn mediocre leven en Charlotte is op zoek naar haar plaats in de maatschappij. De dartelende deerne geniet van Bobs paternaal advies en voor de acteur op zijn retour is de charmante verschijning een opmonterende en welgekomen verstrooiing. Het exclusief duo converseert, exploreert de fascinerende wereldstad en zijn diversifiërende cultuur en hun platonische relatie wordt sterk therapeutisch. De twee hebben elkaar duidelijk ‘gevonden’ en het wordt hoog tijd dat hun Japanse trip voorbij is of juist niet?
Lost in Translation is een aanstekelijke en frisse komedie slash coming of age-drama over een ‘wonderlijke week’ van twee Amerikanen in Tokio. De speelse en ongedwongen manier waarop Sofia Coppola haar boeiende personages van vlees en bloed observeert en analyseert en met een gepaste dosis humor de verschillen tussen de twee culturen vat, levert een best aardige, persoonlijke, sfeervolle en crossculturele komedie op.
Bovendien wordt miss Coppola op haar wenken bediend door een uitstekend acterende en amper 19-jarige Scarlet – The Horse Whisperer – Johansson en krijgt de immer droge komiek Bill Murray nu eindelijk toch de rol waar hij al ettelijke decennia recht op heeft. En hij laat deze gouden kans niet liggen. Volgens de toenmalige filmcritici van San Francisco (SFFCC) die nota bene ‘onze’ Le Fils van de gebroeders Dardenne uitriepen tot beste buitenlandse film, was Lost in Translation gewoonweg dé prent van het jaar 2003.
Genre: komedie, drama, coming of age
Jaar: 2003
Regisseur: Sofia Coppola
Cast: Scarlett Johansson, Bill Murray, Akiko Takeshita, Giovanni Ribisi
Land: USA, Japan
Speelduur: 102 minuten