Na het drievoudig Oscarwinnende Nomadland en een omstreden uitstap naar het Marvel-universum met Eternals, keert Chloé Zhao terug naar waar haar cinema het meest tot zijn recht komt: intieme verhalen over verlies, verbondenheid en menselijke kwetsbaarheid zoals in haar vroegere innige drama’s Songs my Brothers Taught Me en The Rider. Zhao, geboren in China en gevormd tussen Azië, Europa en de Verenigde Staten, heeft zich in minder dan tien jaar tijd opgewerkt tot een van de meest eigenzinnige stemmen binnen de hedendaagse auteurscinema. Haar films combineren een bijna documentair realisme met een uitgesproken poëtische gevoeligheid, een signatuur die ook Hamnet doordesemt.
Met Hamnet verfilmt Zhao de gelijknamige en veelbesproken historische roman uit 2020 van de Britse auteur Maggie O’Farrell, een fictieve verkenning van het gezinsleven van William Shakespeare en de tragedie die hem zou inspireren tot Hamlet, Prins van Denemarken uit rond 1600 dat wordt beschouwd als zijn meest complexe en invloedrijke tragedie. De titel verwijst zowel naar Shakespeare’s vroeg gestorven zoon als naar het theaterstuk zelf: leven en kunst vloeien hier onlosmakelijk in elkaar over.
In het late zestiende-eeuwse Stratford-upon-Avon ontmoet de jonge William Shakespeare (Paul Mescal) de mysterieuze Agnes (Jessie Buckley), een vrouw die door haar omgeving met argwaan wordt bekeken en al snel het etiket ‘bos-heks’ krijgt opgeplakt. Tegen de wil van zijn familie in wordt William halsoverkop verliefd. Hun liefde mondt uit in een huwelijk en een gezin: eerst een dochter, later de tweeling Hamnet en Judith.
Van bij het begin hangt er echter onheil in de lucht. Agnes wordt geteisterd door visioenen die voorspellen dat een van haar kinderen de volwassenheid niet zal bereiken. Wanneer uiteindelijk niet de zwakke Judith maar Hamnet op elfjarige leeftijd aan de builenpest sterft – terwijl zijn vader om professionele reden in Londen verblijft – valt het gezin uiteen onder het gewicht van rouw. William vlucht in zijn werk, Agnes blijft achter met een verlies dat zich niet laat sublimeren. Uit dat stil verdriet groeit uiteindelijk het doorleefde Hamnet.

Zhao structureert Hamnet expliciet als een klassieke tragedie bestaande uit vijf aktes. Dit periodedrama ontvouwt zich lineair, zonder tijdsprongen of narratieve trucs en beweegt zich van romantisch drama naar onvermijdelijke tragedie. Dat maakt het verloop voorspelbaar, zeker door het veelvuldige gebruik van visioenen en flash forwards in de eerste helft van de prent. Toch lijkt dat een bewuste keuze.
Zhao’s interesse ligt niet in suspense of narratieve verrassing, maar in emotionele verdieping. Hamnet is geen portret over wat er gebeurt, maar over hoe verlies wordt gedragen en hoe twee mensen, ooit intens verbonden, elk hun eigen weg zoeken in het omgaan met dezelfde diepe pijn. Rouw wordt hier geen plotpunt, maar een toestand van zijn.
Die benadering levert een film op die soms ingehouden en zelfs afstandelijk aanvoelt, maar juist daardoor een opmerkelijke emotionele resonantie ontwikkelt. In de laatste aktes sluipt voorzichtig een vorm van hoop binnen, maar zonder dat de tragedie haar scherpte verliest. De finale is sober, poëtisch, beklijvend, pakkend, bijna woordeloos en blijft lang nazinderen. De uitgesponnen intrinsieke climax behoort beslist tot een van de meest indringende scènes van de recente cinema.

Dat Hamnet zo overtuigend werkt, is in grote mate te danken aan zijn hoofdrolspelers. Paul Mescal bevestigt hier zijn status als een van de meest intrigerende acteurs van zijn generatie. Sinds zijn doorbraak in de geprezen serie Normal People bouwde hij in snel tempo een indrukwekkend en eclectisch parcours uit met sterke rollen in onder meer Aftersun, God’s Creatures, All of Us Strangers, Gladiator II en History of Sound. Mescal excelleert hier in ingetogenheid: zijn Shakespeare is geen bombastisch dichter, maar een man die zijn emoties nauwelijks kan benoemen en ze daarom omzet in fascinerend auteurschap.
De Ierse zangeres en actrice Jessie Buckley (Chernobyl, Wild Rose, The Lost Daughter, Beast, Women Talking) is al even indrukwekkend in de huid van Agnes. Ze speelt haar niet als een excentrieke randfiguur, maar als een vrouw die haar intuïtie en intense pijn lichamelijk draagt. De chemie tussen Mescal en Buckley is tastbaar, hun gezamenlijke scènes doordrongen van liefde, maar ook van een groeiende onoverbrugbaarheid.
Visueel slaat Hamnet een brug tussen theater en cinema. De decors en kostuums hebben iets bewust artificieels, alsof ze rechtstreeks uit een toneelhuis komen, terwijl cameraman Łukasz Żal (Ida, Cold War) dat theatralisme vertaalt naar een rijke, filmische beeldtaal. Zhao’s regie is strak en sober, zonder esthetische overdaad, maar met een groot gevoel voor ritme en compositie.
Met Hamnet levert Chloé Zhao een innig en zorgvuldig gecomponeerd drama af dat zijn shakespeariaanse wortels omarmt zonder erin te verstarren. Het is een straf drama over liefde, verlies en de stilte daartussen, gedragen door twee acteurs op het hoogtepunt van hun kunnen. Geen toegankelijke publieksfilm, wel een rijk, emotioneel werk dat uitnodigt tot verstilling en dat nog lang na de aftiteling blijft doorwerken. Een prijzenregen voor Zhao’s eigenzinnige biopic lijkt ons evident.
Genre: drama, biografie, historisch, romantiek
Jaar: 2025
Regisseur: Chloé Zhao
Cast: Jessie Buckley, Paul Mescal, Emily Watson, Zac Wishart, James Lintern, Joe Alwyn, Eva Wishart, Effie Linnen, Justine Mitschell
Land: UK, USA
Speelduur: 125 minuten